Niveau 1
Tellen en optellen
Tellen tot 20, optellen en aftrekken tot 20.
- Tellen tot 106 lessen
Je telt appels, dieren en stippen tot tien en leert het tienframe kennen. Daarna doe je er één bij of één af.
Tellen tot 5 · Tellen tot 10 · Het tienframe · Eén erbij · Eén eraf · Oefenen: tellen tot 10
- Tellen tot 20 en vergelijken6 lessen
Je telt tot twintig op de getallenlijn. Je zegt welk getal meer of groter is en zet getallen op volgorde van klein naar groot.
Tellen tot 20 · Eén erbij en één eraf, tot 20 · Meer of minder · Groter en kleiner · Getallen op volgorde · Oefenen: tot 20
- Optellen tot 106 lessen
Je doet dingen bij elkaar en schrijft dat als plussom. Je oefent dubbelen, de vriendjes van 10 en kleine verhaaltjes.
Bij elkaar doen · Optellen op het tienframe · Dubbelen · Vriendjes van 10 · Kleine verhaaltjes · Oefenen: optellen tot 10
- Aftrekken tot 106 lessen
Je haalt dingen weg en springt terug op de getallenlijn. Je ziet dat erbij en eraf bij elkaar horen, en rekent kleine verhaaltjes uit.
Eraf halen · Terugspringen · Eraf van 10 · Erbij en eraf horen bij elkaar · Kleine verhaaltjes · Oefenen: aftrekken tot 10
- Optellen en aftrekken tot 206 lessen
Je ziet dat 13 een tien is en nog drie. Daarna spring je vooruit en terug tot 20 en reken je dubbelen en verhaaltjes uit.
Tien en nog wat · Optellen tot 20 · Aftrekken tot 20 · Dubbelen tot 20 · Kleine verhaaltjes tot 20 · Oefenen: tot 20
- Over de tien6 lessen
Je rekent sommen als 8 + 5 en 13 − 5 door eerst naar 10 te gaan en dan de rest te doen.
Eerst 10 maken · Over de 10 springen · Eerst terug naar 10 · Terug over de 10 · Kleine verhaaltjes over de 10 · Oefenen: over de 10
- De toets5 lessen
De toets gaat over tellen en vergelijken, plussen en minnen tot 10 en tot 20 en sommen over de 10.
Toets: tellen en vergelijken · Toets: tot 10 · Toets: tot 20 · Toets: over de 10 · Toets: alles door elkaar